donderdag 11 april 2013

De grenzen van social media: goodbye 3.0-utopie, hello reality!

Wat zijn de grenzen op social media? Vanuit mijn communicatiestudie heb ik een erg idealistisch en positief beeld van social media. Ontzettend veel communicatie verloopt via social media en het biedt veel kansen. Ik denk dat mijn visie op sociale media daarom niet zozeer de juiste visie is, want er zijn vast een hoop (negatieve) aspecten waar ik niet bij stil sta.

Daarom ben ik op zoek gegaan naar andere visies, die mij aan het denken zouden kunnen zetten. Barbara Koolen, 3e jaars rechtenstudent en Sara Boertjes, 1e jaars pedagogiek. De vraag: "Hoe ver kun je gaan op social media?" stond centraal. Barbara Koolen zal hierbij denken aan recht en wetgeving, Sara Boertjes houdt rekening met het psychologische aspect.

Barbara Koolen
Barbara Koolen


Effectieve opsporing via social media
Social media kan zeker van toegevoegde waarde zijn voor onze samenleving. Het opsporen van misdadigers bijvoorbeeld, zoals dat bij de jongens uit Eindhoven is gedaan, juich ik toe. Dit is het bewijs dat een foto van de misdadigers via Facebook verspreiden een effectieve methode is. Ik merk ook bij mezelf dat het werkt: politieberichten komen bij mij wel binnen via sociale media (bijvoorbeeld Twitter), maar ik heb me niet aangemeld voor bijvoorbeeld een SMS-alert. Social media is vele malen toegankelijker, en daardoor komt de boodschap bij veel meer mensen aan. 

Social media als bewijsmateriaal?
Ik denk dat in veel gevallen social media content niet gebruikt kan worden als bewijsmateriaal. Zo las ik laatst weer dat iemand ontslagen was vanwege een -op zijn zachts gezegd- negatieve tweet over zijn werk. Natuurlijk, het is niet erg slim van je om je werkfrustratie te uiten op Twitter, maar ik vind het een vreemde zaak dat iemand ontslagen kan worden aan de hand van één tweet. Ik geloof het zelfs niet eens. Een werknemer wordt over het algemeen erg beschermd, het lijkt me niet dat iemand aan de hand van slechts één tweet ontslagen kan worden, zoals de media ons wijs doet maken. Er moet meer aan de hand zijn geweest, of er moet sprake zijn geweest van continuïteit, maar op de nieuwssite klinkt de extreme situatie dat iemand ontslagen wordt aan de hand van een tweet natuurlijk veel interessanter. 

Zelfde grenzen als in 'echte' leven
Een internetwetgeving lijkt niet gemakkelijk te realiseren. Het past ook niet bij de vrijheid en anonimiteit van het net. We moeten geen dergelijke strenge regels willen, want dan komen we in eenzelfde situatie als China of Cuba. Het beste is om als samenleving zelf een soort van balans te vinden tussen wat wel en niet kan en verder de huidige wetgeving toe te passen. De huidige wetgeving verandert hierbij mee met nieuwe ontwikkelingen op het gebied van social media en internet, omdat we nu nog niet kunnen zeggen tegen wat voor problemen we over tien jaar aanlopen. 

Sara Boertjes 
Sara Boertjes


Verschil in gebruik en ervaring social media
Ik zelf geniet volop van social media. Voor mij persoonlijk zitten er veel positieve kanten aan het gebruik ervan. Echter, vanuit mijn opleiding weet ik dat deze positieve ervaring niet voor iedereen geldt. Zo weet ik bijvoorbeeld dat er een verschil is in het social media gebruik per opleidingsniveau: hoger opgeleiden zijn meer op zoek naar informatie, terwijl lager opgeleiden meer gericht zijn op sociale acceptatie. 

Vergelijken met anderen
Dit laatste is gevaarlijk, wat de groep lager opgeleiden meer kwetsbaar maakt, maar ook zeker wel zal voorkomen bij hoger opgeleiden. Sociale acceptatie gaat om het scoren van Facebook-likes, retweets en uitlokken van reacties. Wanneer iemand 32 likes krijgt op zijn nieuwe profielfoto en jijzelf 16 likes, kun je je behoorlijk lullig voelen. Daarnaast wordt je op de sociale netwerken steeds geconfronteerd met het 'leuke' leven van anderen. Iedereen probeert zichzelf online zo goed mogelijk te presenteren, wat soms een vertekend beeld van de werkelijkheid geeft, maar wat ook een hoop jaloezie kan opwekken. 

Facebookdepressie: een serieus verschijnsel
Ik vind het dan ook niet raar dat er zich nieuwe ontwikkelingen voordoen zoals 'Facebookdepressies'. Sterker nog, ik neem dit zeer serieus. Ontstaat het niet al door het steeds vergelijken van jezelf met de geperfectioneerde weergeven levens van anderen op Facebook, dan wel door het gedrag van anderen naar een persoon toe via social media. Er wordt veel gepest via social media, omdat de grens veel lager ligt. Een lullige opmerking die online gegeven wordt komt echter wel net zo hard aan als in het echt. Vooral jongeren zijn zich hier niet altijd even bewust van. 

Marlou Manders - conclusie

Vrijheid, blijheid?
Social media is vrijheid. Er is geen speciale internetwetgeving en er zijn lage sociale grenzen. Vrijheid blijheid, dacht ik altijd, maar vrijheid brengt ook negatieve aspecten met zich mee. Omdat er geen internetwetgeving is, kan er op het internet alles gebeuren. Je kunt (anoniem) mensen uitschelden, pesten en naar beneden halen. Je kunt jezelf beter/slimmer/knapper/anders voordoen dan in de werkelijkheid. Je kunt verhalen verzinnen, opblazen en verspreiden. 

Kansen, maar ook valkuilen
Een aantal van deze mogelijkheden kunnen in de ogen van veel mensen erg positief zijn. Zo zijn de meeste mensen net als Barbara Koolen blij met de heksenjacht op de jongens uit Eindhoven. Ik denk echter dat een onschuldige Nederlandse jongen die dezelfde naam had als een van deze jongens, er minder blij mee was toen de namen over heel het internet verspreid werden. Mensen dachten namelijk dat híj een van de daders was, en er ontstond dankzij social media een groot misverstand. 

De lage grenzen die Sara Boertjes noemt kunnen erg vervelend zijn met name voor kwetsbare groepen mensen. Mensen die zichzelf continu vergelijken met anderen zullen niet staan te juichen om de geweldige vakantie/festival/werkfoto's van anderen op Facebook. Jongeren die niet de populairste zijn van de klas, zullen eerder rotte opmerkingen via sociale netwerken ontvangen.

Social media beleid is noodzakelijk
Social media is in mijn ogen leuk, maar we zullen met zijn allen zoveel mogelijk bepaalde normen en waarden aan het web moeten hangen. We moeten onszelf een aantal vragen stellen: Waarmee kan ik iemand kwetsen? Hoe presenteer ik mezelf op sociale netwerken? Is het online web geschikt om al mijn gedachtes te uiten, en zo ja, hoe en waar doe ik dat? Een oplossing als social media voorlichting, zowel op scholen als bij bedrijven en organisatie (ja, pesten komt ook op de werkvloer voor), lijkt mij ook noodzakelijk om het web enigszins in de hand te houden. Een internetwetgeving: nee, een social media beleid: JA! 

zondag 24 maart 2013

Idealistische 3.0 hippies geven een college

Samenleving 3.0 in 4 minuten


DIT is samenleving 3.0. In 4 minuten tijd komen alle kernpunten in de video aan bod. Hieromheen, om samenleving 3.0, heb ik samen met Pieter Donkers, Suleika Gommers en Marlies van Breda een college opgebouwd. Hans van Driel gaf ons vieren namelijk de kans om een college op te zetten rondom het onderwerp 'samenleving 3.0', voor en door studenten. Ook dit is 3.0: kennis delen, innovatie en kansen benutten.

In mijn vorige blog kwam onderwijs 3.0 al aan bod, met de struggelingen en mogelijkheden. Aan de hand van deze blog ga ik zien dat 3.0 onderwijs niet idealistisch is, maar toepasbaar in de praktijk. 

3.0 communicatie


Een college opzetten doe je niet zomaar 1, 2, 3. We hadden van onze medestudenten feedback meegekregen: het mag wel 3.0, maar er moet ook een theoretisch deel zijn (dit neigt vaak naar 1.0). Belangrijk was vooral dat het college echt van toegevoegde waarde zou zijn. 

Met deze insteek hebben we twee meetings gehad. Een direct aan het begin van het proces, een aan het eind (vlak voor het betreffende college). Verder is alle communicatie, erg 3.0, via mail en dropbox verlopen. Dit bleek prima te werken voor ons allemaal. Taken werden verdeeld, bronnen gedeeld en het overige werd gecommuniceerd.


D-DAY: idealistische 3.0 hippies


Toen de studenten de dag van het college de zaal binnenliepen, keken ze allemaal erg verbaasd en je zag ze denken: 'O jee, volgens mij wordt dit weer een 3.0-idealistisch-zweverig-hippie-college en had ik beter thuis kunnen blijven'. 

Ik kan het me ook zo voorstellen dat deze gedachte er was, aangezien we de opstelling van het lokaal helemaal omgegooid hadden: de stoelen en banken stonden in groepjes van vier. Dat is erg vreemd, voor een normale collegezaal. Maar goed, zoals we ondertussen wel weten krijgen we nooit een 'normaal' college bij Mediawijsheid, dat zou erg 1.0 zijn, maar is het iedere keer weer een verassing wat je op maandagmiddag aantreft. Tot dusver liep dus niemand weer de zaal uit. 

De hippies aan het woord


Suleika Gommers opende het college met een verhaal over hoe onze 3.0 samenleving er nu uitziet, en met name het onderwijs. Na haar verhaal was er mogelijkheid tot discussie, die, eenmaal warm gelopen, actief gevoerd werd. Suleika moest de studenten onderbreken om de beurt te geven aan Pieter Donkers. Pieter vertelde het verhaal vanuit een ander perspectief: hoe zou het 3.0 onderwijs en de samenleving eruit kúnnen zien? Ook hierna konden verschillende studenten hun mening verkondigen en hun kennis hierover delen. Marlies van Breda was de laatste die de studenten wat theoretische verdieping zou meegeven. Zij keek terug in de tijd: hoe was het onderwijs, en wie hebben er gezorgd voor verandering? Doordat alle drie de sprekers het onderwerp vanuit een andere kant benaderde, bleven de studenten bij de les. Ze werden iedere keer weer geprikkeld met iets nieuws. 

Het tweede deel van het college werd door mijzelf geïntroduceerd. Dit was de opdracht.   De bedoeling was dat ieder groepje hun ideale 3.0 school bedacht, en deze in een elevator pitch presenteerde. Het was tevens een wedstrijd: achteraf zou gestemd worden op de beste groep. Het was een erg leuke opdracht. De studenten waren actief bezig met het verwerken van de informatie die we hen hiervoor gegeven hadden. Er kwamen tijdens de elevator pitch erg leuke concepten voorbij: de wifischool, de Googleschool en een school waar 1.0 en 3.0 gemixt werden. Door de tijdsdruk (ze kregen 20 minuten voor het bedenken van het concept, 1 minuut voor de presentatie) was de opdracht niet saai en ging men ook niets anders doen. 

3.0 zonder extreme verandering, hét kan


Wij mogen dan alle vier wel dromers zijn van de ideale 3.0 samenleving, toch hebben wij geluisterd naar de feedback van de studenten om een snufje 1.0 toe te voegen aan ons college. 3.0 ging in de mix met 1.0, om op deze manier de theoretische verdieping vast te houden. Ik denk dat wij bewezen hebben dat een college helemaal niet saai hoeft te zijn om toch leerzaam te zijn: BEN CREATIEF, DENK OUT-OF-THE-BOX EN ZORG VOOR INTERACTIE!

zondag 3 maart 2013

Generatie X, Y & Z in het onderwijs

De nieuwe samenleving, ook wel samenleving 3.0 genoemd, dringt door in vele aspecten van ons leven. Dit gaat niet zonder slag of stoot: regelmatig botst het met de traditionele uitgangspunten van de schriftcultuur. Dit geldt ook voor het onderwijs: waar jonge scholieren (soms al generatie Z) en studenten (generatie Y) in contact komen met een oudere generatie docenten (generatie X). 

Scholen bang en onwetend 

Op mijn werk (internetbureau Getting Social) denken we de laatste tijd veel na over hoe we deze  gevoelige sector kennis kunnen laten maken met social media op een verantwoorde manier. We praten hierover samen met vooral middelbare scholen, en ik merk dat we steeds tegen een aantal zelfde obstakels aanlopen:

1. De strevers en de sceptici


De meningen over social media en internet zijn erg verdeeld binnen het bestuur van de scholen. De strevers, de soort 'Hans-van-Drieletjes', zijn ontzettend enthousiast en proberen met alle macht hun sceptische collega's te overtuigen met hun tijd mee te gaan. 


De twijfelaars zijn vaak bang dat het online uit de hand gaat lopen, dat er bijvoorbeeld online gepest gaat worden. Waar zij echter hier geen rekening mee houden, is dat leerlingen sowieso behoefte hebben aan een community. Wanneer een school dit niet aanbiedt, gaan ze dit zelf opzetten, waardoor er geen controle is van een volwassene en er dus inderdaad gemakkelijk gepest en getreiterd kan worden. 

2. Onwetendheid

Onwetendheid geldt voor zowel de strevers als de sceptici. De strevers willen wel en weten wat ongeveer mogelijk is, maar weten niet altijd waar te beginnen. Ze denken: 'we moeten gaan twitteren!', maar hebben er verder geen idee van wat voor soort boodschap dit dan moet zijn, in welke frequentie en hoe ze hun twitter actief kunnen houden. 

De sceptici hebben meestal geen idee van wat social media kan doen, behalve wat ze erover horen in het nieuws: de situaties waar het eens een keertje misgaat. Doordat ze te weinig kennis hebben beseffen ze niet dat veel van deze situaties door goed beleid voorkomen hadden kunnen worden (een voorbeeld hiervan is Project X Haren). 

Wat biedt samenleving 3.0 aan het onderwijs?

De instelling van de leerlingen verandert, naar een 3.0 instelling. Waar we het in het college van 25 februari 2012 (Van Driel, persoonlijke communicatie) al over hadden, is dat het onderwijs 1.0 erg gericht is op één leerstijl. En dit terwijl iedereen een andere manier van leren heeft (Thesis, z.j. ---> Test jouw leerstijl hier!). Social media en het internet bieden nieuwe mogelijkheden en inzichten, die wellicht ook andere leerstijlen een kans kunnen geven. 

Twee andere tools die een toegevoegde waarde kunnen bieden aan het onderwijs zijn  FacebookGroups for Schools en Google Apps for Education. Een docent die het aan heeft gedurfd Facebook Groups for Schools te gaan gebruiken, zegt in zijn blog de volgende resultaten te hebben behaald: 
‘Ik heb de studenten benaderd in hun eigen ruimte (social media, Facebook) en hen geleerd hoe ze deze educatief kunnen gebruiken (voor hun eigen belang) en ten tweede heb ik de studenten de kans gegeven om de lesstof te verwerken door middel van samenwerking en het streven naar informatie. Hierdoor leerde iedereen elkaar beter kennen en beter hun meningen te verwoorden in een open discussie’[1]
Facebook Groups for School zorgt dus voor ondersteuning van de lesstof en actieve deelname aan de verwerking van de stof.


Google Apps doet dit in principe ook, maar dan op een andere manier. Google Apps geeft de mogelijkheid een geheel eigen invulling te geven aan online communicatie. Het is mogelijk voor iedere aparte klas, ieder project of ieder schooljaar aparte kringen creëren, zodat er alleen gecommuniceerd wordt met mensen voor wie de informatie bedoelt is, op een manier die de school daarvoor geschikt vindt. Mogen docenten bijvoorbeeld wel chatten, maar studenten onderling liever niet? Dat kan. Ditzelfde geldt voor agenda’s en documenten: deze kunnen geheim gehouden worden, maar ook gedeeld worden. Documenten kunnen door leerlingen online samen bewerkt worden, wat een hoop e-mail en gedoe met usb-sticks scheelt. Het is voor leerlingen ook mogelijk om heel gemakkelijk projectsites te bouwen. Google Apps zijn handige applicaties die het lesgeven, het leren en de communicatie effectiever, sneller en eenvoudiger maken.

Social media en internet zijn de toekomst

Tegen iedereen die actief is binnen het onderwijs zou ik willen zeggen: treedt buiten uw vertrouwde denkkaders en ga de uitdaging aan. De nieuwe generatie IS social media en internet, en de nieuwe generatie is de toekomst. 


Bronnen

Green, N. (2011). The Advantage of Facebook Groups in Education. Verkregen van http://www.edsocialmedia.com/2011/02/the-advantage-of-facebook-groups-in-education/hw/

Thesis. (z.j.). Vier leerstijlen. Verkregen van http://www.thesis.nl/thesis15/index.php?option=com_content&view=category&layout=blog&id=3&Itemid=5  

zondag 3 februari 2013

Iets minder 'privacy' a.u.b.

We vinden allemaal dat we tot in zekere mate privacy verdienen. Sommigen staan liever niet met hun blote billen op internet, anderen willen absoluut niet dat hun telefoongesprekken afgeluisterd worden. Hoewel we een aantal jaar geleden erg gehecht waren aan onze privacy en hier ook een aantal wetten voor op werden gesteld, zijn we deze geslotenheid steeds meer aan het loslaten. 

Privacy als golfbeweging
Met de komst van social media en internet zetten wij, of anderen, steeds meer gegevens over onszelf online. Sommigen keuren dit af, maar velen beseffen niet dat privacy pas belangrijk werd aan het einde van de 19e eeuw (Van Driel, persoonlijke communicatie, 28 januari 2013). Voor die tijd konden we heel goed leven zonder enige vorm van privacy of anonimiteit. Misschien zullen we aan het idee moeten wennen dat privacy slechts een golfbeweging van de 20e eeuw was, waarmee we nu een heel andere, open toekomst tegemoet gaan.

Totale openheid meer iets voor generatie Z
Dit klinkt leuk, maar op sommige gebieden ligt het wat meer loslaten van privacy erg gevoelig. Neem nou de zorgsector. Waarschijnlijk denk je nu meteen aan de discussie over een digitale database voor patiëntgegevens.  Een dergelijke database zou de zorgverleners erg helpen hun werk sneller en efficiënter uit te voeren, maar we kennen ook allemaal het gevaar van hacken en het uitlekken van gegevens wanneer ze toegankelijker worden. 

Nu ben ik zelf ook van mening dat er nog geen database moet komen waarin alle gezondsheidstoestanden over onszelf te vinden zijn: daar is de tijd nog niet rijp voor. Misschien dat over tien jaar niemand er nog wat om geeft dat iedereen op de hoogte is van zijn/haar gezondheidstoestand -ikzelf zie nu immers ook vaak hele gedetailleerde verhalen voorbij komen op Facebook over het verloop van iemands ziekte, met foto's en al erbij- maar de generatie baby boomers is zo gewend aan het privacyaspect van hun leven, dat dit denk ik te ver voor ze zal gaan. Ik denk zelfs, dat het uiteindelijk generatie Z zal zijn die dergelijke stappen zullen doorzetten. 

Wat kan nu wel?
De generatie Y van nu, volgens Strauss en Howe (2000) gedefinieerd als mensen die geboren zijn tussen 1982 en 2001, zet wel de eerste stappen richting meer openheid. Om maar weer even terug te komen op de zorgsector, waar open communicatie nog redelijk 'eng' is, zou je eens moeten kijken op het YouTube-kanaal van het Catharina Ziekenhuis te Eindhoven. Via dit kanaal geven zij handige informatie, laten zij zien hoe ze te werk gaan en welke sfeer er hangt in het ziekenhuis. Ik heb het helemaal niet op ziekenhuizen, maar bij mij persoonlijk gaf het een positief effect: ik vond ze vriendelijk, maar vooral betrouwbaar overkomen. Hieronder een video van het kanaal ter illustratie, die naar mijn mening de betreffende zorgverlener erg toegankelijk maakt: 

Geen must, wel een trend
Het loslaten van wat privacy is geen must, maar wel een trend. Ik denk dat we het best de mensen even hun gang kunnen laten gaan. Natuurlijk zullen we tegen obstakels aanlopen (denk aan project X Haren of de meer recentere heksenjacht op de jongens van het filmpje van Omroep Brabant), maar hier leren we van. Alles verbieden en tegen willen houden heeft geen zin, online is er namelijk een andere vrije wereld waarin mensen toch zullen doen waar ze behoefte aan hebben. Beter is om mee te gaan met de ontwikkelingen, zodat er nagedacht kan worden over wat ethisch wel en niet verantwoord is en welke normen en waarden er aangepast moeten worden.

Bronnen
Strauss, W. & Howe, N. (2000). Millennials Rising: The Next Great Generation. New York, NY: Vintage Books.

CatherinaZKH. (2012, oktober 23). Marieke Kools: obesitasverpleegkundige in het Catharina Ziekenhuis met een missie [Video file]. Verkregen via http://www.youtube.com/watch?v=56xRF1A3wbc 

Wikipedia. (2013). Project X Haren. Verkregen via http://nl.wikipedia.org/wiki/Project_X_Haren 

De Telegraaf. (2013). Jongens melden zich na mishandeling Eindhoven. Verkregen via http://www.telegraaf.nl/binnenland/21238406/__Schoppers_melden_zich__.html